TH-logo TH fotoTH fotoTH foto

De koning sterft

van Eugène Ionesco

Regisseur

Vital Schraenen is sinds 1988 werkzaam in de theaterwereld als auteur, regisseur, acteur, licht- en decorontwerper, vertaler/bewerker, coach en participatieve projectontwikkelaar. Hij werkte o.a. voor De Tijd, Internationale Nieuwe Scène, Vlaamse Opera Stichting, Ensemble Leporello, Theater Stap, Fabuleus, De Vieze Gasten, Compagnie Thor, het Brussels Brecht-Eisler koor, 30CC-leuven, Zinneke Parade, MET-X, La Fabrique Imaginaire.
Als acteur was hij vooral te zien in voorstellingen van Ensemble Leporello (o.m. ‘Brussel, een Oerwoud’, ‘De Cid’, ‘Een Tartuffe’, en recent ‘Het Laatste Feest’).
Hij is artistiek leider van het muziektheatergezelschap Tirasila en regisseerde er o.m. ‘KRSK!’, ‘’t ManneHart’ en ‘Slachtwerk’.
Sinds 4 jaar is hij als acteur actief bij het internationaal toerende Brusselse gezelschap Fabrique Imaginaire in de voorstelling ‘Du vent... des fantômes’.

Naast het artistiek leiden van grootschalige stedelijke (vaak participatieve) evenementen (zoals de openingsceremonie voor Brussel 2000, OdeGand 2003 te Gent, openingsevents ‘Beautanik’, van ‘Start 07!’ tot en met ‘Start 09!’ van 30CC, een totaalevenement rond “Mijn Kleine Oorlog” van L.P. Boon te Brussel en Ieper, een reeks openluchtprojecten binnen het Mechels festival ‘Stadsvisioenen 2009’, een parade voor 975 jaar Keerbergen in 2011, artistieke coördinaties voor de Zinneke Parades van 2012 en 2014, de seizoen opener (2013) van 30CC ‘Canta Luna’ met 250 zangers) is hij hoofdzakelijk actief als freelanceregisseur van muziektheaterproducties (waaronder “Vergeten straat, een volksopera”, of ‘Vive la Sociale’ van Het Brussels Brecht-Eislerkoor en het Hasselts Omroerkoor, “Frankenstein” van Theater Stap, “Ljublju”, een straat-instrumenten-opera naar A. Tsjechov door Maatschappij Excelsior, “Ceci n’est plus Carmen” naar G.Bizet, “Foor 11” met de Nieuwe Snaar).

Geregeld realiseert hij ook producties met amateurgezelschappen en amateurkoren. Onder meer ‘Drie zusters’ van Tsjechov en ‘De Zelfmoordenaar’ van Erdman bij Toneel Heverlee, ‘Menuet’ naar L.P. Boon bij Theater Hellespot. Bij de Reynaertghesellen realiseerde hij ‘Ubu Koning’ naar Jarry, ‘Wachten op Godot’ van Beckett (beiden genomineerd voor de Euripidesprijs 2009 en 2010), ‘De toevallige dood van een anarchist’ van Dario Fo en een eigen vertaling/bewerking van ‘Le Bourgeois Gentilhomme’ naar Molière.
Als koorregisseur tekende hij in 2015-16 de jubileumvoorstellingen van zowel Contrarie als Viermaliks.